Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Twintigen.

Twintigen

Voorbeeldzinnen (16)

We reden met zijn twintigen, vijf in elke wagen.

Het ontstaan van internationale organisaties als de en Verenigde Natie in respectievelijk de jaren twintigen vijftig bood neutrale landen ook meer ruimte.

Die nieuwe nederlanders zijn van huis uit gewend om met z’n twintigen in een klein hok te wonen.

Tegen ouderen die een week voor de lockdown met zijn twintigen stonden te jeudeboulen en de bal aan kleine louz wilden geven riep ik wel heel brutaal AFSTAND graag.

Dan komen ze straks met zijn twintigen zonder gids.

De dappere politie durft louter ‘s nachts en met zijn twintigen op één slaperige cartoonist lost te gaan.

Het laatste jaar met zijn twintigen achter onze laptops (en het tafelvoetbalspel), in een ruimte geschikt voor tien mensen.

Gezellig met z'n twintigen couchsurfen op een zolderkamer en wat tofu knagen is niet zo duur.

Want lekker met zijn twintigen 1 persoon het leven zuur maken is natuurlijk wel heel erg leuk.

Als je dan iets terug zei wachtten ze je de dag erna met z'n twintigen op om je af te tuigen.

En aan de andere kant van de lijn zitten de vrijwilligers, ingeroosterd met z’n twintigen of vijfentwintigen tegelijk op de drukste tijden van de dag, de vooravond meestal.

Met z’n twintigen, dertigen naast elkaar.

We zaten met z’n twintigen in de zaal: gebruinde omroepmensen in wit-zijden shirts, hoogleraren politicologie met zweterige baardjes en een zware ademhaling en reclamemensen in trainingsoutfit.

Een half uur later staan ze z’n twintigen voor de burgemeesterswoning.

Er was een grote woonkamer met een tafel waar we met z'n twintigen aan konden zitten.

En dan klagen over die Peruaanse onderbroek-cobra's die met z'n twintigen door jouw rioolgat naar binnen komen, da's wel wat anders als een paar ratjes.