Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Uitdoe.

Uitdoe

Voorbeeldzinnen (9)

Vind je het erg als ik mijn trui uitdoe?

Vind je het erg als ik mijn hemd uitdoe? Het is hier echt warm.

Wilt u dat ik mijn gebit uitdoe?

Kan dan eindelijk de verwarming uit en uitblijven, ipv dat ik hem uitdoe en elke derde dag toch weer aan moet doen?

Wanneer ik het licht uitdoe, gaat hij beneden nog wat tv-kijken, in de logeerkamer een boek lezen of naar muziek luisteren.

Kleding is voor mij iets wat ik aantrek en uitdoe en wat een functie heeft.

Vier agenten in het Franse Nice eisten van een moslima op het strand dat ze haar boerkini zou uitdoe.

Als ik ’s avonds het licht uitdoe, zie je alleen werkbanken en rvs-kasten’, zegt Sergio.

YVONNE Kom Casperke, dat ik dat pak uitdoe.