Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Uitdragerij.

Uitdragerij

Uitdragerij betekenis

een niet al te nette winkel waar tweedehands spullen worden verkocht

Voorbeeldzinnen (14)

Nee, het wordt zo'n uitdragerij.

Hier is het probleem dat ik een mooie tas echt kan waarderen en hem zo zou willen kopen voor mijn meissie maar ze wil het niet, struint liever in het rek bij een goedkope uitdragerij naar een afzichtelijke prul.

Wij doen het omgekeerde en maken van de tuin een uitdragerij van planten, wilgentenen manden, oude gieters, beschilderde dakpannen, antieke wasteilen en roestige ploegscharen.

Zij een bloemenwinkeltje, hij een uitdragerij.

Vroeger bij TMF was ze één van de mooie chicks: dat was zoveel beter voor de integratie dan dit soort rare verkleedpartijen en stereotyperende uitdragerij.

Wat een achterlijke uitdragerij is het toch ook.

Gelukkig kunnen Ploumen en de rest van die club geen schade meer aanrichten, maar GL zal deze uitdragerij graag willen overnemen van ze.

Wellicht is het gebruik van de ‘zomerstal’ met een uitdragerij aan borden en ander ‘pronkgoed’ in de dars daar debet aan.

Door kundige presentatie voorkwamen ze dat het geheel oogt als een uitdragerij.

Met al zijn uitweidingen en voetnoten heeft de roman veel van een uitdragerij in een provinciestad.

Het is nog vroeg, maar bij groenteboer Helal Et Gida staat al een uitdragerij aan fruit voor de deur, die de passant naar binnen lokt.

Jansen ziet het met lede ogen aan, 'die mallepietje-uitdragerij' van zijn buurvrouw, met die schreeuwende letters op de etalageruit gekalkt.

Een op metaal geschilderde Armeense ikoon kocht ik in een kleine uitdragerij in Berlijn, in een stadsdeel waar ik in 1943 de nodige angsten uitstond vanwege de boosaardige Lancasters.

Onze huiskamer lijkt wel een uitdragerij.