Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Uitrazen.
Uitrazen
Uitrazen betekenis
iemand al de woede die in hem of haar is laten uiten zodat op het einde iemand weer tot rust kan komen
Voorbeeldzinnen (20)
Een nucleaire winter duurt langer dan een winter, een pandemie kan snel uitrazen.
Daarom was het nachtcafé overdag open zo handig: kon je off topic uitrazen op een plek waar toch niemand meer kwam.
Oranje leunde relaxt achterover, het hoefde immers niet meer zo nodig, en liet de Britten uitrazen.
Uitrazen gaat het beste op de Razende Bol.
Want het ongecontroleerd laten uitrazen van deze desinformatie brengt de gezondheid van het publieke debat ernstige schade toe.
Afijn: mijn brein moet elders uitrazen nu.
Belangrijkste stappen vergeten ze: deuren en ramen open, kinderen buiten laten uitrazen.
De Japanse medewerker laat hem even uitrazen en verwijst hem dan kalm weer terug naar zijn plaats op de tribune.
Eerst rustig inmasseren, even het plebs laten uitrazen, en dan de altijd al geplande ene na andere idiote maatregel gewoon invoeren.
Laat de corona maar op een natuurlijke wijze uitrazen, ben nu wel klaar met alle regels.
Gewoon laten uitrazen zal Trump denken, want de mensen die naar een sterke economie snakken (wat belangrijker dan ooit is nu), geloven dat Trump daar beter voor is dan Biden.
Het punt is dat ze hem en Baudet laten uitrazen en ze er geen moer om geven.
Het virus laten uitrazen.
Ik denk dat het gezonder is voor de kinderen als ze een paar uur per dag lekker buiten uitrazen.
Laat ondertussen de idioten elkaar voor vanalles uitmaken en laat de storm uitrazen en daarna weer door.
Tijdens het uitrazen komt een moment van fatsoenlijkheid.
Trump zal gaan winnen en laat de democraten ff uitrazen de komende tijd met hun fogazi geleuter.
Uitrazen kost te veel doden en maakt te veel mensen arbeidsongeschikt.
Die laat zijn tegenstander uitrazen om het vervolgens op conditie te winnen.
Dus de rechter zegt: laat zo’n man maar lekker uitrazen.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl