Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Usurpator.
Usurpator betekenis
iemand die usurpeert, een onrechtmatig bezitnemer
Voorbeeldzinnen (20)
Marcus werd een usurpator.
Maar uiteindelijk heeft hij toch de rol van usurpator opgenomen ten nadele van een land dat geen significante oorlogsverklaring tegen Rusland had uitgesproken.
Deze volgende usurpator regeerde van 293 tot 296 over Britannia, waar hij uiteindelijk door Constantius werd verslagen en gedood.
Deze zonen moesten alle belastinginkomsten terugbetalen die zij als pretoriaanse prefect in naam van de usurpator Eugenius hadden ingezameld.
Na een strijd van enkele jaren wist Constantius II de usurpator te verslaan.
Na het nieuws van de moord op zijn zoon begon de woedende Gallienus met het verzamelen van legeronderdelen om de usurpator tegemoet te kunnen treden.
Omdat Constantijn geen haar op zijn hoofd werd gekrenkt werd Romanos de zachtmoedige usurpator genoemd.
Silvanus riep zichzelf in Keulen, omringd door zijn Romeinse troepen, uit tot tegenkeizer of usurpator in 355. Vele Frankische soldaten van lagere rang in het Romeinse leger waren onvoorwaardelijk trouw aan Silvanus.
Misschien zingen we binnenkort een nieuw lied voor Baudet of zo, als hij ongeveer het zelfde presteert als de vermeende voorouder van de ijdele usurpator die zich nu onrechtmatig van de titel "Van Oranje" bedient.
Moet opeens aan die bolle usurpator denken.
Elke usurpator heeft een mythe nodig om zijn staatsgreep te rechtvaardigen.
Men zou Gilgamesh kunnen zien als de eerste ons bekende usurpator.
St. Maarten wilde per se als corrupt boevennest een apart land zijn met een daarbij passende koning die toevallig ook de usurpator hier ter plekke is.
De naam van deze usurpator dook snel op in de media en ging deel uitmaken van de officiële woordenschat toen Van Dale er een lemma van maakte.
Deze gefrustreerde usurpator begint dan om zich heen te meppen.
Overigens was het in Shakespeares tijd, de tijd van de Virgin Queen van het Huis Tudor, bon ton om Richard, de laatste Plantagenet, als een usurpator voor te stellen.
Het zal een machtsgreep zijn - en de usurpator heeft geen geldigheid, geen geloofwaardigheid en geen autoriteit volgens de gondwet," aldus een razende Olbermann.
In Het Belgisch labyrint noteerde de schrijver dat er 'iets vuils' de taal aan het doodknijpen was: 'Het is een manke usurpator in kale kleren, maar hij heeft de verwaandheid en de lompheid van een parvenu.
Onder het motto 'Fryslân 500' wordt, met voormalig usurpator Albrecht van Saksen op affiches en postzegels, bij het publiek de indruk gewekt dat Friesland 500 jaar zou bestaan.
Hij kreeg de bijnaam de Usurpator.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl