Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Valbrug.
Valbrug
Valbrug betekenis
een beweegbare brug waarbij deze om de y-as roterend naar beneden gelaten wordt of wordt opgehaald
Voorbeeldzinnen (10)
Wie vanuit het zuiden komt aanrijden zal via de A15 bij knooppunt Valbrug, de A325 en de N325 opgestuurd worden.
In het verleden werd de brug ook vaak de Noord-Valbrug en de Noordeinde Brug genoemd.
In 1741 wordt het kasteel beschreven als een door grachten omringd adellijk huis met twee hooge trapgevels, een lage vierkante toren met een voormuur en een valbrug.
In 1772 werd de overspanning van de middendoorvaart gewijzigd in een dubbele valbrug.
Tot de verdedigingsmaatregelen behoren een bemetselde kuil voor de uitgang en een valbrug.
De eerste brug was een valbrug uit 1686 en werd Kuipertjesbrug genoemd, naar een vatenmakerij in de buurt.
Een valbrug voor de voetgangers en één voor de karren.
Maar veruit de bekendste is de door Vauban gebouwde Kasselpoort, waartoe eertijds een valbrug toegang gaf.
Toen Anjou met een groot gevolg de stad uitreed op weg naar de te schouwen troepen, hield iemand uit zijn gevolg halt op de valbrug en riep het afgesproken wachtwoord Jambe rompue.
Reconstructie van een Griekse sambuca De sambuca was een op twee of meerdere aan elkaar gebonden schepen vastgezette valbrug of belegeringstoren om aan zee grenzende vestingmuren in te nemen.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl