Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Verleerd.

Verleerd

Voorbeeldzinnen (20)

Ik heb het Spaans geheel verleerd.

Ik heb het een beetje verleerd.

Tom is het duidelijk een beetje verleerd.

Waren ze verleerd om oogluikend te durven dagdromen?

Als we ons wat meer zouden richten op dat gevoel, komen we veel verder, maar we zijn het allemaal verleerd.

Dan zit je daar, met je dialect grootdeels verleerd, óók weer import te wezen.

Dat klinkt wat saai en veel gezinnen zijn dat ook wat verleerd, met onze toegenomen welvaart in combinatie met onze drukke levens.

De VVD is het nog niet verleerd, Zalm noemde Fortuyn bij zijn opkomst ‘een gevaarlijke man’.

Deze vrouw had dat wapen nog niet verleerd.

Het wachten op hun favoriete designer is voorbij en het is duidelijk dat Philo haar talent voor vooruitstrevende, draagbare maken niet is verleerd.

Hij vindt de vraag terecht, dat is niet waarom hij zucht, maar hij vindt dat mensen zijn verleerd hoe ze met de natuur moeten samenleven.

Na al het alternatieve trainen bleek in Boedapest dat ze de zevenkamp niet was verleerd.

Ondertussen laat Lewis Hamilton even zien dat hij het nog niet verleerd is.

Waarom heeft Nederland verleerd arm en gezond te leven?

Als hij zijn trompet pakt om een stukje te spelen, wordt snel duidelijk dat hij het kunstje nog niet verleerd is, al heeft de ziekte zijn ritme aangetast.

De dj vraagt zich ’een beetje af’ of hij het misschien verleerd is.

Door iedereen op z'n wenken te bedienen, hebben mensen verleerd om zelfredzaam te zijn.

En als hij dan zijn kans kreeg, leek het veelal - zeker als invaller - alsof hij het scoren verleerd was: “Alles wat geweest is, is geweest”, houdt Schreuder niet van vergelijken.

Het woord “doch” was blijkbaar woord van de dag op de scheurkalender van de auteur :D De Seal ziet er niet verleerd uit moet ik zeggen.

Hij laat de afgelopen races zien dat hij het nog niet verleerd is.