Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Vernieuwingsdrang.

Vernieuwingsdrang

Vernieuwingsdrang betekenis

drang naar vernieuwing

Voorbeeldzinnen (20)

De term benadrukt de samenhang tussen de vernieuwingsdrang in de 16e eeuw en de vernieuwingsdrang in de 20e eeuw.

Ik wil weleens sneller veranderen, uit ambitie of vernieuwingsdrang, soms omdat ik wat dieper in de organisatie zit, soms uit onervarenheid.

De krant spreekt van ‘durf en vernieuwingsdrang’ bij D66.

De vernieuwingsdrang van de Britse rockband valt te begrijpen, de typische Muse-bombast kennen we onderhand wel.

Amersfoort wil volgend jaar Mondriaan eren met een manifestatie die de vernieuwingsdrang en verbeeldingskracht van de kunstenaar centraal stelt.

Avant-garde staat voor de vrijheid, de vernieuwingsdrang van kunst.

Els Breugelmans, professor marketing aan de KU Leuven, merkt op dat ook de vernieuwingsdrang bij Lotus voor langdurig succes zorgt.

Het betreft hier de eerste auto die Citroëns vernieuwingsdrang inzake design in praktijk brengt.

Lichtzinnigheid, een speelse toon, humor en vernieuwingsdrang: dat is kort gezegd waaraan de Romeinse dichter Ovidius zijn faam dankt.

De Leeuws pioniersgeest, zijn vernieuwingsdrang en onvoorwaardelijke inzet voor de muziek van deze tijd kunnen niet genoeg geprezen worden.

Door die vernieuwingsdrang is het volgens Judith Pollmann, hoogleraar vaderlandse geschiedenis aan de Universiteit Leiden, normaal dat we andere helden kiezen.

Het rapport staat bol van de ambitieuze voorstellen en getuigt van een enorme vernieuwingsdrang.

In die vernieuwingsdrang ging het effect van de battles evenwel verloren.

Vernieuwingsdrang, raadt hij zijn opvolgers bij Qurrent wel aan.

Zijn levenslange vernieuwingsdrang leverde vijftig albums op waarvan tien als solo-artiest.

De jury, onder leiding van Andrée van Es, roemt de vernieuwingsdrang van Typhoon.

Ook werd de modezaak geroemd om de constante vernieuwingsdrang.

Aangezien de gemeente Emmen – niet wars van enige vernieuwingsdrang – het Marktplein opnieuw wilde inrichten, leek het een goed idee de koepel te slopen.

De directeuren van de W.I.C. konden deze vernieuwingsdrang niet waarderen en riepen Johan Maurits in 1644 terug, tot verdriet van de binnenlandse Braziliaanse bevolking die hem tot op de dag van vandaag een warm hart toedraagt.

En hoe langer een voorzitter op zijn stoel zit, hoe meer de vernieuwingsdrang verdwijnt.