Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Verwensen.

Verwensen

Verwensen | Verwensing | Verwens | Verwensend

Verwensen betekenis

zeggen dat je hoopt dat iemand iets kwaads overkomt

Voorbeeldzinnen (14)

Het is beter om een kaars aan te steken, dan het donker te verwensen.

Evenals Aman was Komrij ervan overtuigd dat schelden en verwensen goed was voor lichaam en geest en lijfelijke agressie voorkwam.

Daar schelden, vloeken en verwensen we ons helemaal suf op alles wat ons niet bevalt.

Nederlanders staan erom bekend graag te verwensen met ziektes.

Al zou Corona morgen weg zijn, wat sommige mensen inmiddels elkaar verwensen (vooral online) is niet te bevatten.

Het produceert een heerlijk stampend 4-takt plofje waar je vooral zelf plezier van hebt zonder dat je buren je zullen verwensen.

Alexander P zag dit echt niet aankomen en wat zal hij daar in zijn bankje zichzelf zijn stommiteit hebben zitten verwensen omdat hij natuurlijk wel weet dat wat Geert over 2010 zegt, gewoon waar was.

De totale stupiditeit van die zogenaamde palestijnen die geen ander zinvol tijdverdrijf schijnen te kunnen vinden, dan het verwensen van Israel.

Ook met het niets doen tegen een imam die gewoon indirect in Nederland een burgemeester met zijn woorden met de interpretatie van die ideogie een leven indirect weet te verwensen.

Evenzeer kunnen we hem verwensen.

Verwensen, zegt Lodewijk, is niet goed.

Vloekend en tierend, jankend en schreeuwend van wanhoop en doffe ellende loop ik mezelf te verwensen.

Gevalletje ver van mijn bed dus ik voel me totaal niet schuldig om je daarmee te verwensen.

Tristan komt, en na een hartstochtelijke begroeting verwensen beiden de dag, die hen van elkaar scheidt, en belijden hun verlangen naar de eeuwige nacht: de dood, die hen voor altijd zal verenigen.