Bekijk voorbeeldzinnen, synoniemen en woordvormen van Visitekaartje.
Visitekaartje
Gerelateerde woorden
Visitekaartje betekenis
(oorspronkelijk) een kaartje met de naam van de bezoeker dat achtergelaten werd indien men niet thuis aangetroffen werd en dat als bezoek telde | een naamkaartje in het algemeen | een eerste indruk die men heeft van een organisatie
Synoniemen van Visitekaartje
Voorbeeldzinnen (20)
Vervangend visitekaartje Is uw Saab uw visitekaartje?
Alstublieft, hier is mijn visitekaartje.
Hoe groter het visitekaartje, hoe kleiner de bezitter.
Dit is mijn visitekaartje.
Hier is mijn visitekaartje.
Tom gaf Mary zijn visitekaartje.
En plakte proefpakjes aan ons visitekaartje.
En daar ligt het visitekaartje van de wolven: zalmen zonder kop.
Je zult je visitekaartje wel terug willen.
En ik vond het visitekaartje van een Koreaan in m'n decolleté.
ADE is een prachtig visitekaartje voor NL.
Als eerstejaars gaf hij meteen zijn visitekaartje af en dat deed hij dan nog in zijn eigen woonplaats Stekene.
Daarna kun je de kaart tegen 50% korting inruilen voor een nieuwe of ‘m blijven gebruiken als visitekaartje.
De medewerkers van de plantsoenendienst, die het stadspark, het visitekaartje van de stad, op orde houden.
Dit visitekaartje van Ede moet innovatieve voedselbedrijven naar de gemeente trekken.
Een mooie stamboom was voor auto’s altijd een visitekaartje.
Eigenaar Mehmet Çerko van schoenwinkel Çerko Shoes vond alleen zijn visitekaartje terug.
En ook jazzformatie Brintex Collectieve op de soul/jazz stage: een sterk groovend gelaagd visitekaartje.
Had ie ook een visitekaartje van S. Kaag bij zich of is ie op eigen initiatief hierheen gekomen?
Het eerste is een grote, snelle en luxueuze sedan die vooral dienst moet doen als visitekaartje.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl