Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Vroor.
Vroor
Voorbeeldzinnen (20)
Vorig jaar vroor het zelfs op 20 september al. Vijf jaar geleden vroor het voor het laatst in oktober pas.
De plank vroor aan de grond vast.
Het vroor zozeer dat de vogels tijdens de vlucht neervielen.
Het vroor hard deze morgen.
Het vroor die dag en ik kon het juiste gebouw maar niet vinden.
De ijsbaan aan de Herenweg in Wilnis, die door ijsclub Nooit Gedacht werd gebruikt als het flink vroor, is niet meer beschikbaar omdat daar vlakbij woningen komen.
De nadelen van de huidige situatie bleken afgelopen december toen het een week lang vroor.
De vorige keer dat het in De Bilt vroor was op 27 april, toen het kwik naar -1,2 graden daalde.
Westduits, dus nooit meegemaakt dat het 's ochtends nog vroor in huis totdat papa om 6 uur de moederhaard aanstak met hout en kolen.
Afgelopen winter vroor het flink en het was wolkenloos.
En op Tweede Kerstdag 1938 vroor het 4,8 graden.
Het had gesneeuwd en het vroor, en ik ben onderweg enkele keren geslipt en gebotst.
Het vroor en ik moest een halve dag stalen buizen laden.
Ik heb nog trainingen meegemaakt dat het vroor dat het kraakte, overal lag sneeuw: er was vier man komen opdagen, maar ik was wel één van die vier.
Ik kwam sneeuwduinen tegen, het vroor 20 graden.
In de stad vroor het vannacht twee graden, meldt weer.nl. De komende dagen worden hogere temperaturen voorspeld.
Op de plekken waar nog een laagje water bleef staan, vroor dit snel op.
Toen het tijdens deze test een paar dagen vroor en er voornamelijk op de snelweg werd gereden, daalde de actieradius tot amper 280 kilometer.
Volgens de verwachtingen zal de bewolking, die ervoor zorgde dat het dit weekend eigenlijk amper vroor, na maandag wegtrekken.
Vooral gisteravond erg verraderlijk met de regen die weer vroor tot een mooi laagje.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl