Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Waggelden.
Voorbeeldzinnen (4)
De kinderen bleven echter ongedeerd: een omstaander kon zowaar filmen hoe de twee doodleuk in hun luiers over de snelweg waggelden.
Ze waggelden en vielen en ze reden twee keer tegen een paaltje toen ze met veel lawaai vertrokken.
De anderen waggelden lacherig naar de ligstoelen en grapten nog wat na over het spel, ik klom uit het water en zocht mijn weg naar onze kamer om onder de warme douche weer enigszins op temperatuur te komen.
Ze worden gekenmerkt door hun dikke lange lichamen met korte benen en armen waardoor ze waggelden en lomp waren om te zien.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl