Ontdek Watermolecule via 5 voorbeeldzinnen uit het Nederlands, met uitleg van de betekenis. Ideaal voor taalgebruikers, schrijvers en taalliefhebbers.
Watermolecule betekenis
de kleinste hoeveelheid water bestaande uit twee waterstof atomen gebonden aan een zuurstof atoom
Gebruik van Watermolecule
- De belangrijkste betekenis op deze pagina is: de kleinste hoeveelheid water bestaande uit twee waterstof atomen gebonden aan een zuurstof atoom
- In het voorbeeldencorpus komt watermolecule vaak voor in combinaties zoals: watermolecule bestaat, een watermolecule, één watermolecule.
Context rond Watermolecule
- Gemiddelde zinslengte in deze voorbeelden: 11.8 woorden
- Plaats in de zin: 3 begin, 2 midden, 0 einde
- Zinsoorten: 5 stellend, 0 vragen, 0 uitroepen
Corpusanalyse van Watermolecule
- In deze selectie staat "watermolecule" meestal aan het begin van de zin. De gemiddelde voorbeeldzin telt 11.8 woorden en het corpus bestaat hier vooral uit stellende zinnen.
- Direct rond het woord vallen vooral bestaat op; die woorden geven extra context aan het gebruik van "watermolecule".
- Herkenbare gebruikssignalen zijn een watermolecule bestaat uit en doorgaans één watermolecule in de. Daardoor krijgt deze pagina eigen corpusinformatie en niet alleen losse voorbeeldzinnen.
- Qua corpusfrequentie ligt "watermolecule" dicht bij woorden als aaaaah, aaiden en aaisikers, wat helpt om het woord binnen de bredere woordenindex te plaatsen.
Voorbeeldtypes met watermolecule
Dezelfde corpuszinnen zijn hieronder uitgesplitst naar lengte en zinsoort, zodat je sneller ziet in welke soort context het woord voorkomt:
Een watermolecule bestaat uit twee waterstofatomen en één zuurstofatoom. (9 woorden)
Een watermolecule bestaat uit één zuurstofatoom en twee waterstofatomen. (9 woorden)
Het fumaarzuur wordt gehydrateerd met één watermolecule, waardoor L-appelzuur ontstaat. (11 woorden)
Voor de eenvoud van de notatie wordt doorgaans één watermolecule in de formule voor het oxonium-ion genoemd. (18 woorden)
Elke watermolecule bestaat uit twee waterstofatomen, die gebonden zijn aan een zuurstofatoom. (12 woorden)
Het fumaarzuur wordt gehydrateerd met één watermolecule, waardoor L-appelzuur ontstaat. (11 woorden)
Voorbeeldzinnen (5)
Een watermolecule bestaat uit twee waterstofatomen en één zuurstofatoom.
Een watermolecule bestaat uit één zuurstofatoom en twee waterstofatomen.
Elke watermolecule bestaat uit twee waterstofatomen, die gebonden zijn aan een zuurstofatoom.
Voor de eenvoud van de notatie wordt doorgaans één watermolecule in de formule voor het oxonium-ion genoemd.
Het fumaarzuur wordt gehydrateerd met één watermolecule, waardoor L-appelzuur ontstaat.
Veelvoorkomende combinaties met watermolecule
Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:
Veelgestelde vragen
Hoe gebruik je "watermolecule" in een zin?
Wat betekent "watermolecule"?
Hoeveel voorbeeldzinnen met "watermolecule" zijn er?
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl