Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Weekvocht.

Weekvocht

Voorbeeldzinnen (6)

Madame waarschuwde in 1927 al voor te lang weken, want daardoor wellen die bonen alleen maar op met smakeloos weekvocht.

Abrikozen en vijgen pureren en in een grote, hoge pan doen, goed vermengen met weekvocht, geleisuiker, citroensap en citroenrasp.

Haal de morilles uit het weekvocht, voeg de madeira bij het vocht en laat dit reduceren tot een dikke substantie.

Laat even pruttelen, doe dan het gezeefde weekvocht van het eekhoorntjesbrood en de hazenbouillon (zo’n anderhalve liter) bij, plus het hazenvlees.

Houd het weekvocht nog even apart.

Pocheer ze in het weekvocht op een klein vuur.