Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Weesmeester.

Weesmeester

Weesmeester | Weesmeesters

Weesmeester betekenis

de directeur van een weeshuis | iemand die lid is van de weeskamer en over de wezen voogdij heeft

Voorbeeldzinnen (9)

Hij vervulde diverse regentenfuncties, zo was hij assurantiemeester, commissaris van de wisselbank, commissaris van zeezaken, weesmeester en kerkmeester van zowel de Zuider- als de Westerkerk.

Zijn broer Isaac Cornelis Sterk (1752-1827) was naast apotheker onder andere burgemeester, wethouder en weesmeester in Haarlem.

Kleinhans was weesmeester van de Hervormde Gemeente.

Geschiedenis Het West- Brabantse geslacht De Lint is van oorsprong protestant en heeft in Klundert tot aan de Franse tijd een vooraanstaande positie ingenomen in het stadsbestuur als in het kerkbestuur, weesmeester of waterschapsfuncties.

Naar het zich laat aanzien had hij een sociale instelling want Sweers bleef in dienst als weesmeester en regent van het ziekenhuis.

Zijn vader Johannes Bloys van Treslong was de weesmeester (directeur) van het lokale weeshuis.

Hij was onder meer weesmeester, gedeputeerde ter dagvaart, kapitein en kolonel der schutterij, boonheer en rekenmeester.

Hij weigerde omdat hij ook nog weesmeester was.

In datzelfde jaar werd Burgh curator van de Athenaeum Illustre en in 1635 werd hij Weesmeester.