Voorbeeldzinnen (10)
Papa heeft vandaag de afrastering van de kleine weitjes afgemaakt: nu hebben we 3 kleine weitjes naast elkaar waar merries die nog moeten veulenen apart kunnen lopen.
Wie fietst of wandelt in het groen passeert altijd wel weitjes met paarden.
Gezellig kakelende meiden, die twee weitjes tot hun beschikking hebben en vrij tussen de kersenbomen naast de boerderij kunnen rondhuppen.
Het meest zuidelijke deel bij de rand van de stad kent een kleinschalig afwisselend beeld met door bos of houtwallen omgeven weitjes.
Het is een oud gevarieerd cultuurlandschap met akkertjes, weitjes, houtwallen, bosschages, greppels.
De boeren gebruiken de weitjes tot op de dag van vandaag vooral voor hun jongvee.
Achter de twee fundamenten naar het oosten, de z.g.n. weitjes.
Plaatselijk komen in het eiken-berkenbos geïsoleerde weitjes met een heischrale vegetatie voor.
Ze zijn afhankelijk van de beplanting, van de weitjes en van de gebouwen om voedsel en beschutting te vinden, maar ook om zich voort te planten.
U loopt door mooie beukenbossen, langs diverse weitjes met prachtige vergezichten, kuiert over boerenpaden en bedwingt flinke heuvels.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl