Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Weldadig.

Weldadig

Weldadig betekenis

een goed gevoel veroorzakend

Voorbeeldzinnen (20)

De gedachte bekruipt de man dat dit zien ‘weldadig was en verrijkend, zonder dat hij wist waarom.

Er schurkt geen vette middenconsole tegen de rechterknie en de rust voor het oog is weldadig.

Iedereen kan wel beweren de ander zo min mogelijk schade te willen berokkenen terwijl zich niet als grabhag gedragend een beleefd maar weldadig maal te laten genieten.

Iets te veel van wat in het oorspronkelijke idee juist zo weldadig ontbrak: routine?

De harmonieën à la Crosby, Stills, Nash & Young klinken live loepzuiver en net zo weldadig als op de plaat.

We staan aan de voet van de Akropolis, de meizon voelt weldadig aan.

Goed, tot één minuut voor tien hoorde ze de afgelopen tijd nog wel de herrie van motorrijders, ‘een kaste die zich van niets of niemand wat aantrekt’ maar daarna was de stilte ‘ongekend en weldadig'.

Ook hier werden we na het filmen getrakteerd door ‘Hoofd Ontsmettingen’ Carl van Kleef op een weldadig glas bier.

We zijn er op gebouwd en ervaren daarom deze warmte als weldadig.

Zweetdruppels vliegen de verslaggever haast om de oren, de zon brandt weldadig op de hoofden van de heren en dames padelspelers.

De materialen en kleuren zijn weldadig, extravagant en vormgeving gaat veelal voor functie.

De Touareg was er van sober en doelmatig (R5 TDI) tot extreem krachtig en weldadig.

Het is op deze tweeduizend vierkante meter waar de geschiedenis van het befaamde IJspaleis begon en straks ‘weldadig wonen is in één van de achttien parels van appartementen'.

Het woei niet hard, de zon scheen weldadig en langs de bomenrij kregen we onverwacht onze bestemming al in zicht.

En ze weldadig vrijmaakt van alle worstelingen die hun levens tot dan toe teisterden.

Dat zo’n patroon kon worden gevolgd, mocht na jaren van wankelmoedigheid in Nederland weldadig aanvoelen.

De onbeperkte vrijheid die hier heerst is weldadig en opvallend.

Het is lang geleden dat ik zo weldadig weinig prikkels kreeg.

Het miezerde dus weldadig op de paadjes en lanen van het kerkhof.

Het te-veel-ratten-in-een-kooi-gevoel dat bij ons leidt tot agressie, bellen, toeteren, bijna-ongelukken en schelden op het fietspad, is weldadig afwezig in Deense steden als Kopenhagen, Odense, Helsingor en Aarhus.