Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Wijfjes.

Wijfjes

Voorbeeldzinnen (20)

Talrijke mannetjes leven in de buizen van elk Osedax-wijfje (bij grote wijfjes wel 111 mannetjes), zodat de verhouding van de geslachten erg scheefgetrokken is, met gemiddeld 17 maal meer mannetjes dan wijfjes.

Opvallend gekleurde wijfjes kunnen ook duiden op concurrentie tussen de wijfjes, stelt Kempenaers, zoals om nestplekken en voedsel.

In de zoo van Antwerpen kan je drie luiaards bewonderen: twee wijfjes en één mannetje.

Mooie wijfjes om mee te paren of op het land te laten werken.

Het boek is geschreven door Gerrit Spruit en bevat ook delen van een eerder verschenen boek uit 1995, waar ook de inmiddels overleden Tom Wijfjes aan meegeschreven heeft.

Desondanks mag de winnaar rekenen op veel aandacht van de wijfjes, die daar loops van worden.

Egwaar, gewoon in het voorbijgaan palen de mannetjes de bereidwillige wijfjes en geen haan die er naar kraait.

Het Nederlands damesvoetbalteam deed het beter dan de heren, dat zijn allemaal halve wijfjes.

Niet voor de Wijfjes, die vinden het helemaal prima zo.

Het klimaatprobleem is de schuld van geile beren en onderdanige wijfjes.

Dat stelt mediahistoricus Huub Wijfjes, verbonden aan de universiteiten van Groningen en Amsterdam, in een reactie op de verwijten die het koppel bij de bekendmaking van hun scheiding maakten.

Bij ondervoeding planten mannetjes zich minder makkelijk voort dan wijfjes, zodat een populatie er baat bij heeft vrouwelijk nageslacht te bevoordelen.

Dat kan toch een verschil tussen mannetjes en wijfjes weerspiegelen.

Dat van het wijfjes was lichter, soms lichtbruin, soms okergeel.

De eieren schijnen gelijktijdig bij elkaar gelegd te zijn door minstens zes wijfjes.

De lengte is maximaal 12 centimeter voor wijfjes, mannetjes blijven iets kleiner.

De steriele mannetjes wedijveren met de wilde mannetjes voor wijfjes.

De vleugelloze larvevormige wijfjes bevinden zich in het gras of lage begroeiing, tijdens de schemering (typisch van 10 tot 11 uur 's avonds), vroeger op schaduwrijke plekken zoals bossen, en draaien hun lichtgevende achterlijven omhoog.

De volwassen bevruchte wijfjes verlaten met de jonge werkbij of dar de cel.

De voorvleugellengte bedraagt tussen 30 en 38 millimeter voor de wijfjes en tussen de 25 en 30 millimeter bij de mannetjes.