Hoe gebruik je Wijkers in een zin? Bekijk 6 voorbeeldzinnen die tonen hoe dit woord in verschillende contexten voorkomt.
Wijkers in een zin
Gerelateerde woorden
Gebruik van Wijkers
- In het voorbeeldencorpus komt wijkers vaak voor in combinaties zoals: wijkers en, de wijkers.
Context rond Wijkers
- Gemiddelde zinslengte in deze voorbeelden: 17.8 woorden
- Plaats in de zin: 1 begin, 2 midden, 3 einde
- Zinsoorten: 6 stellend, 0 vragen, 0 uitroepen
Corpusanalyse van Wijkers
- In deze selectie staat "wijkers" meestal aan het einde van de zin. De gemiddelde voorbeeldzin telt 17.8 woorden en het corpus bestaat hier vooral uit stellende zinnen.
- Direct rond het woord vallen vooral stel, zogeheten, hanne, blijft en werden op; die woorden geven extra context aan het gebruik van "wijkers".
- Herkenbare gebruikssignalen zijn een stel wijkers na een en en hanne wijkers met hun. Daardoor krijgt deze pagina eigen corpusinformatie en niet alleen losse voorbeeldzinnen.
- Qua corpusfrequentie ligt "wijkers" dicht bij woorden als aaaa, aaai en aalbeek, wat helpt om het woord binnen de bredere woordenindex te plaatsen.
Voorbeeldtypes met wijkers
Dezelfde corpuszinnen zijn hieronder uitgesplitst naar lengte en zinsoort, zodat je sneller ziet in welke soort context het woord voorkomt:
Wijkers is sowieso tuig. (4 woorden)
Aan weerszijden van de Schijndelseweg komen zogeheten wijkers en blijvers. (10 woorden)
Centraal staat het gezin van Kneel en Hanne Wijkers met hun zoons Wouter en Japke en dochters Daatje, Betje en Mientje. (21 woorden)
Met dat zwemmen ben ik gestopt toen een stel Wijkers na een potje voetballen zonder te douchen het bad in dook,: het personeel zei er niks van. (27 woorden)
Hieruit ontwikkelde zich de fruitteelt met het blijver-wijker-systeem, waarbij aanvankelijk dicht werd geplant en op latere leeftijd de wijkers werden gerooid. (23 woorden)
Het kan vandaag de dag niet meer zo zijn dat de blijvers ook nog een groot deel van de wijkers blijft onderhouden. (22 woorden)
Voorbeeldzinnen (6)
Met dat zwemmen ben ik gestopt toen een stel Wijkers na een potje voetballen zonder te douchen het bad in dook,: het personeel zei er niks van.
Wijkers is sowieso tuig.
Aan weerszijden van de Schijndelseweg komen zogeheten wijkers en blijvers.
Het kan vandaag de dag niet meer zo zijn dat de blijvers ook nog een groot deel van de wijkers blijft onderhouden.
Centraal staat het gezin van Kneel en Hanne Wijkers met hun zoons Wouter en Japke en dochters Daatje, Betje en Mientje.
Hieruit ontwikkelde zich de fruitteelt met het blijver-wijker-systeem, waarbij aanvankelijk dicht werd geplant en op latere leeftijd de wijkers werden gerooid.
Veelvoorkomende combinaties met wijkers
Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:
- wijkers en 2×
- de wijkers 2×
Veelgestelde vragen
Hoe gebruik je "wijkers" in een zin?
Hoeveel voorbeeldzinnen met "wijkers" zijn er?
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl