Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Woesteling.

Woesteling

Woesteling | Woestelingen

Woesteling betekenis

iemand die zich woest en onbehouwen gedraagt

Voorbeeldzinnen (13)

Een trauma dat een kwart eeuw later de razernij voedt die Amleth als (Viking-woesteling) zo goed van pas komt.

Vandersteen besloot na een tijdje om Jerom niet langer als een halfnaakte woesteling die enkel in een berenvel was gekleed te tekenen, maar hem in plaats daarvan gewoon hedendaagse kleding – een vest, broek en schoenen – te laten dragen.

En toen de woesteling zag dat hij met geen mogelijkheid de zalige kloostervrouw terug zou kunnen krijgen zoals hij begeerde, toen ging hij met zijn mannen oorlog maken in die contreien over deze zaak.

De boodschap is duidelijk: het kind dankt de goede God dat zij van die woesteling van een Osmin verlost is, met zijn machopraatjes en zijn knallende bastonade, deze ‘domme, grove en kwaadaardige kerel’, zoals de componist hem hoogstpersoonlijk typeerde.

De cipier weet de woesteling in een wurggreep te krijgen, waardoor zijn beet slapper wordt.

Meer nog dan dat hij de kans voor open doel miste, viel hem te verwijten dat hij inschoot als een woesteling en niet als een ouderwetse Braziliaan.

Sparrow is een woesteling met gevoel voor ironie en sociale gerechtigheid.

Arnulf Rainer is een woesteling, een maniakaal kunstenaar die zijn dierlijke onderbewustzijn op het doek smijt.

Croiset is omgeturnd tot een Catweezle-achtige, verslonste woesteling.

Roem kon hoe dan ook geen vat krijgen op deze rustig formulerende en zelf als een woesteling dansende Scandinaviër.

Als een woesteling vloog ik daar naar binnen.

Franquin was er echter in eerste instantie niet zo voor te vinden dat de graaf een woesteling zou worden, omdat het niet past bij het personage.

In zijn allereerste verhaal Het eiland Amoras is hij een schaars geklede woesteling, die volledig uit zijn vel springt wanneer iemand "Seefhoek vooruit" roept (in latere herdruk wordt dit veranderd in "Antigoon vooruit").