Woonhuisje is een Nederlands woord beginnend met de letter W. Met 4 voorbeeldzinnen zie je meteen hoe het woord in zinnen werkt.
Context rond Woonhuisje
- Gemiddelde zinslengte in deze voorbeelden: 16.8 woorden
- Plaats in de zin: 1 begin, 3 midden, 0 einde
- Zinsoorten: 4 stellend, 0 vragen, 0 uitroepen
Corpusanalyse van Woonhuisje
- In deze selectie staat "woonhuisje" meestal in het midden van de zin. De gemiddelde voorbeeldzin telt 16.8 woorden en het corpus bestaat hier vooral uit stellende zinnen.
- Direct rond het woord vallen vooral opgeleverd op; die woorden geven extra context aan het gebruik van "woonhuisje".
- Herkenbare gebruikssignalen zijn 2021 een woonhuisje opgeleverd op en gebruik als woonhuisje dat diende. Daardoor krijgt deze pagina eigen corpusinformatie en niet alleen losse voorbeeldzinnen.
- Qua corpusfrequentie ligt "woonhuisje" dicht bij woorden als aaaaah, aaiden en aaisikers, wat helpt om het woord binnen de bredere woordenindex te plaatsen.
Voorbeeldtypes met woonhuisje
Dezelfde corpuszinnen zijn hieronder uitgesplitst naar lengte en zinsoort, zodat je sneller ziet in welke soort context het woord voorkomt:
Woonhuisje op 250 m² grond. (5 woorden)
Dit was vroeger een schuitenhuisje, tegenwoordig in gebruik als woonhuisje, dat diende om een plezierjacht in op te bergen. (19 woorden)
Op het terrein staan drie huisjes: het postkantoor en een museum, het woonhuisje en een noodhut, „voor als onze keet afbrandt”. (21 woorden)
In de West Havenstraat werd in 2021 een woonhuisje opgeleverd op de plek waar eerder ook een garagebox tussen de woningen stond. (22 woorden)
Op het terrein staan drie huisjes: het postkantoor en een museum, het woonhuisje en een noodhut, „voor als onze keet afbrandt”. (21 woorden)
Dit was vroeger een schuitenhuisje, tegenwoordig in gebruik als woonhuisje, dat diende om een plezierjacht in op te bergen. (19 woorden)
Voorbeeldzinnen (4)
In de West Havenstraat werd in 2021 een woonhuisje opgeleverd op de plek waar eerder ook een garagebox tussen de woningen stond.
Op het terrein staan drie huisjes: het postkantoor en een museum, het woonhuisje en een noodhut, „voor als onze keet afbrandt”.
Dit was vroeger een schuitenhuisje, tegenwoordig in gebruik als woonhuisje, dat diende om een plezierjacht in op te bergen.
Woonhuisje op 250 m² grond.
Veelgestelde vragen
Hoe gebruik je "woonhuisje" in een zin?
Hoeveel voorbeeldzinnen met "woonhuisje" zijn er?
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl