Willekeurig woord

Leer het woord Woonlast beter kennen met 9 echte voorbeeldzinnen.

Gebruik van Woonlast

  • In het voorbeeldencorpus komt woonlast vaak voor in combinaties zoals: netto woonlast, gemeentelijke woonlast.

Context rond Woonlast

  • Gemiddelde zinslengte in deze voorbeelden: 15.3 woorden
  • Plaats in de zin: 0 begin, 4 midden, 5 einde
  • Zinsoorten: 9 stellend, 0 vragen, 0 uitroepen

Corpusanalyse van Woonlast

  • In deze selectie staat "woonlast" meestal aan het einde van de zin. De gemiddelde voorbeeldzin telt 15.3 woorden en het corpus bestaat hier vooral uit stellende zinnen.
  • Direct rond het woord vallen vooral netto, gemeentelijke, forfaitaire en telt op; die woorden geven extra context aan het gebruik van "woonlast".
  • Herkenbare gebruikssignalen zijn andere gemeentelijke woonlast is de en de netto woonlast telt. Daardoor krijgt deze pagina eigen corpusinformatie en niet alleen losse voorbeeldzinnen.
  • Qua corpusfrequentie ligt "woonlast" dicht bij woorden als aaibaarheidsgehalte, aaisykjen en aalo, wat helpt om het woord binnen de bredere woordenindex te plaatsen.

Voorbeeldtypes met woonlast

Dezelfde corpuszinnen zijn hieronder uitgesplitst naar lengte en zinsoort, zodat je sneller ziet in welke soort context het woord voorkomt:

Voor de bouwer blijft de totale woonlast dezelfde. (8 woorden)

Betekent een netto woonlast op basis van inkomen van 35%. (10 woorden)

De ozb (onroerendezaakbelasting) is de derde gemeentelijke woonlast voor huiseigenaren. (10 woorden)

Bij de berekening van kinderalimentatie gaat de rechter ervan uit dat de ouders 30 procent van hun netto besteedbaar inkomen kwijt zijn aan wonen (forfaitaire woonlast). (26 woorden)

De kans is groot dat u met een nieuwe hypotheek of andere rente een aardig bedrag kunt besparen op uw woonlast. (21 woorden)

Vanaf minder dan een halve Euro per dag bent u verzekerd voor een netto woonlast van 500 Euro per maand. (20 woorden)

Voorbeeldzinnen (9)

Bij de berekening van kinderalimentatie gaat de rechter ervan uit dat de ouders 30 procent van hun netto besteedbaar inkomen kwijt zijn aan wonen (forfaitaire woonlast).

Betekent een netto woonlast op basis van inkomen van 35%.

De ozb (onroerendezaakbelasting) is de derde gemeentelijke woonlast voor huiseigenaren.

Desondanks is hun relatieve woonlast groter dan die van mensen van middelbare- en pensioenleeftijd.

De enige andere gemeentelijke woonlast is de rioolheffing, maar die stijgt in 2017 beperkt.

Dus geldt voor hypotheekverstrekkers bij het berekenen van de lening: vooral de netto woonlast telt.

Voor de bouwer blijft de totale woonlast dezelfde.

De kans is groot dat u met een nieuwe hypotheek of andere rente een aardig bedrag kunt besparen op uw woonlast.

Vanaf minder dan een halve Euro per dag bent u verzekerd voor een netto woonlast van 500 Euro per maand.

Veelvoorkomende combinaties met woonlast

Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:

Veelgestelde vragen

Hoe gebruik je "woonlast" in een zin?
Een voorbeeld: "Bij de berekening van kinderalimentatie gaat de rechter ervan uit dat de ouders 30 procent van hun netto besteedbaar inkomen kwijt zijn aan wonen (forfaitaire woonlast)." Op deze pagina vind je 9 voorbeeldzinnen met het woord "woonlast" uit authentieke Nederlandse teksten.
Hoeveel voorbeeldzinnen met "woonlast" zijn er?
Op Voorbeeldzinnen.info staan 9 voorbeeldzinnen met "woonlast", uit een database van meer dan 16 miljoen Nederlandse zinnen.