Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Zakkenroller.

Zakkenroller

Zakkenroller betekenis

iemand die ongemerkt waardevolle zaken steelt die mensen bij zich dragen zoals een portemonnee, geld of telefoon

Voorbeeldzinnen (20)

Politie houdt Oost-Europese zakkenroller aan in Deurne DEURNE - De politie heeft zaterdagmiddag een 19-jarige zakkenroller uit Oost-Europa aangehouden op de Stationsstraat in Deurne.

De politie arresteerde de zakkenroller op heterdaad.

Een zakkenroller stal mijn portemonnee in de trein.

Een zakkenroller heeft in de trein mijn portemonnee gestolen.

Een politieagent kreeg de zakkenroller te pakken.

Dus jij bent de Canadese zakkenroller ?

Omdat elk huishouden een zakkenroller nodig heeft?

Als een zakkenroller 10 tot 18 zakken rolt per dag, betekent het, dat er in heel Nederland slechts 2 a 3 zakkenrollers actief zijn.

Als op straat de portemonnee van twee mensen door dezelfde zakkenroller gejat wordt, zijn die mensen daarna ook niet opeens aan elkaar verwant.

Bij zijn aanhouding had de zakkenroller zich geïdentificeerd als James Penn.

De zakkenroller wordt aangesproken door een reiziger, althans dat denkt hij.

Kijk naar de zakkenroller bendes bijvoorbeeld.

Toen die het winkelwagentje wilde terugbrengen ging de zakkenroller over tot actie.

De zakkenroller Michael rolt per ongeluk een terrorist met een bom.

Maandagvoormiddag tussen 10 en 11.45 uur werden vijf personen in een supermarkt bestolen door een zakkenroller.

Als ze in een metro staat, wordt haar portefeuille gestolen door zakkenroller Skip McCoy.

Er kwam een zakkenroller en die heeft hem gestolen.

Max is een zakkenroller die een kleine bende dieven leidt.

Ondertussen is detective Tiger ervan op de hoogte gesteld dat de microfilm in handen is van een zakkenroller.

Bij het einde van de voorbije eeuw leek dan ook het beroep van zakkenroller te zullen verdwijnen.