Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Zijnder.

Zijnder

Zijnder | Zijnd | Zijnden

Voorbeeldzinnen (2)

Dan dese en zijn niet eenderhande : Want sommighe zijn bij gevalle sulcks / sommighe eyghentlijck : ten derden zijnder sommighe tussen die twee / dat is / sy doen door haeren eyghen aerdt / ende oock by ghevalle / water lossen.

En ic twijffele niet of daer zijnder noch meer die my nu niet inden zin schieten.