Hieronder vind je voorbeeldzinnen met "latijnse woord". De voorbeelden laten zien hoe dit zinsdeel in natuurlijke context wordt gebruikt en welke woorden er vaak omheen staan.
Latijnse Woord in een zin
Corpusgegevens
- Aantal getoonde voorbeeldzinnen: 20
- Gevonden als combinatie bij: woord
- Corpusfrequentie binnen de collocatiescan: 11
- Lengte van het zinsdeel: 2 woorden
- Gemiddelde zinslengte: 22.8 woorden
Zinsprofiel
- Plaats van het zinsdeel: 3 begin, 14 midden, 3 einde
- Zinsoorten: 20 stellend, 0 vragen, 0 uitroepen
Corpusanalyse
- Het zinsdeel "latijnse woord" bestaat uit 2 woorden en staat in deze voorbeelden meestal in het midden. De gemiddelde zin telt 22.8 woorden en bestaat vooral uit stellende zinnen.
- Rond dit zinsdeel zie je vooral patronen en contextwoorden zoals aan het latijnse woord homo dat, cavum het latijnse woord voor een, afgeleid, betekent en griekse.
- Deze combinatie sluit in de zinsdelenindex aan op vrije woord, wiens woord en woord voeren, waardoor de pagina inhoudelijk verbonden is met nabije combinaties.
Voorbeeldtypes met latijnse woord
Deze selectie verdeelt de voorbeeldzinnen naar lengte en zinsoort, zodat het gebruik van de hele combinatie sneller scanbaar is:
Van dit latijnse woord is het Franse woord village (dorp) afgeleid. (11 woorden)
Het woord gaat terug op het Latijnse woord facula, een verkleinwoord van fax, "fakkel". (14 woorden)
Dit woord is een samenvoeging van het Latijnse woord (geschikt) en het Griekse woord (naam). (15 woorden)
Ik wilde schrijven dat het woord homoseksueel niet is gevormd op basis van het Latijnse woord homo (man), maar op basis van Grieks homoios (gelijk) en Latijn sexus, maar verkortte de zin en noemde homos ten onrechte Latijn. (38 woorden)
Het Franse woord gaat terug op het middeleeuws Latijnse woord capitulare ‘punt voor punt opsommen, een stuk opstellen’, een afleiding van het Latijnse woord capitulum ‘hoofdstuk, clausule’, dat een verkleinwoord is van caput ‘hoofd’. (34 woorden)
Etymologie Het Nederlandse woord basiliek is afgeleid van het Latijnse woord basilica, dat op zijn beurt weer is afgeleid van het Griekse Βασιλικής (basilikès) ("koninklijk gebouw") (het Griekse woord basileus betekent koning). (32 woorden)
Voorbeeldzinnen (20)
Het Franse woord gaat terug op het middeleeuws Latijnse woord capitulare ‘punt voor punt opsommen, een stuk opstellen’, een afleiding van het Latijnse woord capitulum ‘hoofdstuk, clausule’, dat een verkleinwoord is van caput ‘hoofd’.
De wetenschappelijke soortnaam lepidus verwijst naar het Latijnse woord lepida, dat 'elegant/charmant' betekent en niet verward moet worden met het Latijnse woord 'lepis' (schub).
Dit woord is een samenvoeging van het Latijnse woord (geschikt) en het Griekse woord (naam).
Het woord bewustzijn komt van het Duitse woord Bewusstsein, afgeleid van het Latijnse woord conscientia.
Het woord ‘homo’ slaat vooral op mannen (waarschijnlijk denkt men aan het Latijnse woord homo, dat mens of man betekent), terwijl voor vrouwen het woord ‘lesbo’ gebruikelijk is.
Etymologie Het Nederlandse woord basiliek is afgeleid van het Latijnse woord basilica, dat op zijn beurt weer is afgeleid van het Griekse Βασιλικής (basilikès) ("koninklijk gebouw") (het Griekse woord basileus betekent koning).
Etymologie Het woord scalar is een afleiding van het Engelse woord scale (schaal, oftewel een reeks getallen), dat op zijn beurt is afgeleid van het Latijnse woord scala dat ladder betekent.
De naam is afgeleid van het Griekse woord πολύς (polus, "vele"), het Latijnse woord somnus ("slaap") en het Griekse woord γράφειν (graphein, "schrijven").
Het woord cassata is een afgeleide van het latijnse woord caseum dat kaas betekent en niet, zoals soms wordt beweerd, van het arabische woord qas'at dat kom betekent.
Het woord meubel is, via het Oudfranse 'mueble', afkomstig van het Latijnse woord 'mobilis' (roerend, verplaatsbaar), waar ook het woord 'mobiel' van afstamt.
Daar hebben we het woord sinister aan te danken, dat is afgeleid van het Latijnse woord sinistra.
De oorsprong van het woord konditor (de bakker van de konditorei) komt voort uit het Latijnse woord candire, wat staat voor zoetigheid.
De term 'humanisme' is afgeleid van het Latijnse woord humanitas (menselijkheid); bovendien gebruikten Italiaanse geleerden en litterati in de 14e en 15e eeuw ook zelf al het woord humanisten.
Het woord 'bus' komt van het Latijnse woord buxus, wat palmhout, bus uit palmhout, of koker betekent.
Het woord 'cavia' zou afkomstig kunnen zijn van 'cavum', het Latijnse woord voor een hol of holte.
Het woord gaat terug op het Latijnse woord facula, een verkleinwoord van fax, "fakkel".
Het woord seminar is afgeleid van het Latijnse woord seminarium dat oorspronkelijk zoiets als "kweekplaats" betekent.
Van dit latijnse woord is het Franse woord village (dorp) afgeleid.
Het woord feit, dat terug te voeren is op het Latijnse woord factum (daad, feit), heeft een bewogen historie.
Ik wilde schrijven dat het woord homoseksueel niet is gevormd op basis van het Latijnse woord homo (man), maar op basis van Grieks homoios (gelijk) en Latijn sexus, maar verkortte de zin en noemde homos ten onrechte Latijn.