Hieronder vind je voorbeeldzinnen met "wonen vlakbij". Zo zie je hoe dit zinsdeel in gewone zinnen wordt gebruikt en welke woorden er vaak omheen staan.
Wonen Vlakbij in een zin
Over dit zinsdeel
- Hoort bij het woord: vlakbij
Voorbeeldtypes met wonen vlakbij
Hieronder zijn de voorbeeldzinnen gegroepeerd op lengte en zinsoort:
We wonen vlakbij de school. (5 woorden)
We wonen vlakbij een school. (5 woorden)
Ze wonen vlakbij bij het pretpark. (6 woorden)
We wonen vlakbij Duitsland en hebben dezelfde problemen in de gezondheidszorg, maar nog altijd leren we maar weinig van elkaar. (20 woorden)
Ze wonen vlakbij en komen geregeld langs, ze helpen met de boodschappen, koken en brengen me waar ik moet zijn. (20 woorden)
Ze wonen vlakbij het walhalla van de chemische industrie, dus bij een ramp moeten mensen probleemloos geëvacueerd kunnen worden. (19 woorden)
Voorbeeldzinnen (14)
We wonen vlakbij de school.
We wonen vlakbij een school.
Mijn kinderen en kleinkinderen (6x) wonen vlakbij en in deze regio komt dat veel voor.
Ze wonen vlakbij de zee en het is er precies altijd zomer.
Joyce en zijn vrouw wonen vlakbij het stadion waar de finale gespeeld zal worden.
Wonen vlakbij Belgie, dus best veel knalwerk.
Betaalbaar wonen vlakbij Amsterdam, midden in het groen in een huis als dat van Pippi Langkous.
We wonen vlakbij Duitsland en hebben dezelfde problemen in de gezondheidszorg, maar nog altijd leren we maar weinig van elkaar.
Wij wonen vlakbij in de wieringermeer, en zijn vanhet begin tot het eind bij de procedures betrokken.
Een van de zonen komt over uit het buitenland, ze wonen vlakbij Genève.
Ze wonen vlakbij bij het pretpark.
Zijn ouders wonen vlakbij, in de wijk Presikhaaf.
Ze wonen vlakbij en komen geregeld langs, ze helpen met de boodschappen, koken en brengen me waar ik moet zijn.
Ze wonen vlakbij het walhalla van de chemische industrie, dus bij een ramp moeten mensen probleemloos geëvacueerd kunnen worden.