Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Zoemden.

Zoemden

Voorbeeldzinnen (4)

Lokale imkers ‘zoemden’ in op het leven van de bij en hoe het werk van bijen tot lekkere honing leidt.

Terwijl de banden van de ov-fietsen zoemden als nooit tevoren, dreigde er een spaak tussen de wielen te worden gestoken.

De ventilatoren zoemden, en uit een van de omringende parktuinen zweefde de lucht van verbrand vlees de woonkamer binnen.

Camera’s zoemden, fototoestellen klikten, verslaggevers tikten hun vingers blauw.