Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Zoetigheden.

Zoetigheden

Voorbeeldzinnen (20)

Hij at chocolade en zoetigheden.

Te veel zoetigheden maken dik.

Ik heb een zwak voor zoetigheden.

Ik verminder het aantal zoetigheden.

Hij houdt van zoetigheden.

Ze is geobsedeerd van zoetigheden.

Van zoetigheden word je dik, dus ik pas...

Daarom moet het snel afgelopen zijn met de reclames die zoetigheden en andere ongezonde voedingsmiddelen aanprijzen.

De Oranjes waren er kind aan huis en de zoetigheden van de hofleverancier werden dan ook taartjes genoemd.

Het ziet eruit als een soort koffiecorner, met wat croissants en zoetigheden op de bar, dus ik vraag voor de zekerheid of we wel goed zitten.

Liefhebbers van zoetigheden zijn binnenkort waarschijnlijk meer geld kwijt aan lekkernijen.

Ondanks het antisuikerbeleid pakken andere ouders uit met plastic rommel en zoetigheden.

Op het buffet staan onder andere drie verschillende salades, Marokkaanse en duizendgatenpannenkoeken, Syrische baklava, pizza’s, loempia’s en zoetigheden.

Scholieren, studenten, kantoorpersoneel, laboratoriummedewerkers, ouden van dagen - iedereen lijkt hier dagelijks tijd te vinden die goden en godinnen te voorzien van bloemen en fruitschalen en zoetigheden en alcoholische geneugten.

Aan deze zoetigheden brengt een onlangs verschenen snoepboek een ode.

De man van een jaar of 50 met een lijf dat je alleen krijgt met te vaak shoarma en zoetigheden, afgewisseld met een ongezonde maand van vasten overdag en bunkeren in de avond en nacht.

De tafels komen vol met kippenpoten en pasteitjes, met baklava en andere zoetigheden.

Een andere theorie is dat de naam aan het feest is gegeven omdat er op de feestdag onder meer zoetigheden op tafel komen.

Hoewel er op zijn school een antisuikerbeleid geldt, pakken ouders vaak met zoetigheden uit.

Julien bedenkt bijzondere combinaties voor de bagels en Olivia spitst zich toe op de desserts en zoetigheden.