Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Zoevend.

Zoevend

Zoevend | Zoevende

Voorbeeldzinnen (9)

Het verschil tussen honderd jaar geleden en nu mag spectaculair zijn voor de een, van bonkend, puffend en hijgend lawaaimakertje naar geruisloos zoevend pretmachien, de ander ziet een ijzeren ding met vier wielen en een stuur.

Daarbij is de basdwarsfluit een instrument dat zeer moeilijk aanspeelt en het geeft hier een soort zoevend geluid, geruis.

Nu wil ik dat niet, nu wil ik nog lekker in m’n fauteuil zakken en rustig zoevend de snelwegen over.

Zoevend in de bus komen we langs de kerk van de Evangelische Gemeente Zutphen.

De ene keer als een pijl, over een metertje of 50 door het zwerk boven Enschede, dan weer strak, zoevend over het natte gras.

Burgemeester Gennadi Troechanov wil de weg verbreden en asfalteren, zodat sleeën en sportwagens er zoevend overheen kunnen.

Elektrische tuktuks blijven langs de Veerse kust rijdenDOMBURG - Zacht zoevend in een tuktuk over de Westkapelse Zeedijk, dat bleek afgelopen jaar het meest geliefde ritje in één van de vier elektrische tuktuk-limousines die langs de Veerse kust reden.

Zoevend over de tweebaanswegen aldaar, zie je de verkeerschaos in de drukke zomermaanden voor je.

Doelman Bram Geilman tikte in de slotfase van de wedstrijd een zoevend schot van Johan Neeskens uit de linkerbovenhoek, waardoor het Eredivisieschap van de Kerkraadse club werd verlengd.