Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Belijden.
Belijden
Gerelateerde woorden
Belijden betekenis
een verklaring afleggen een bepaald geloof aan te hangen | in het openbaar een verklaring afleggen iets fout gedaan te hebben
Voorbeeldzinnen (20)
Hij kon dus God zijn schuld belijden, hij kon Corrie ten Boom zijn schuld belijden, maar om zijn schuld te belijden aan de overleden zuster van Corrie ten Boom was hij te laat.
Ik accepteer dat mensen met een ander geloof hier wonen en in alle vrijheid hun geloof belijden (als het bij belijden blijft dan, en niet omslaat in veroveringsdrang).
Adviesorgaan gereformeerd belijden Aan de triosynode van november wordt voorgesteld om een adviesorgaan voor het gereformeerd belijden in te stellen.
Misschien kunt u aan het eind opstaan, en als U kunt gaan in dit belijden van de kerk Dit geloven en belijden wij.
Al die B t/m Z sterretjes en BN’ers die opeens politiek—correct activisme (niet in daad, maar vooral met de mond) belijden, volgen hun grote voorbeelden Bob Geldof en Bono.
Daarop staat een filmpje van vernielende 'jongeren', die luidkeels hun geloof belijden, onder het uitroepen van 'Allahu Akbar'.
De Visigoten en Oostgoten die onder druk van de Hunnen naar het westen trokken namen het arianisme mee en bleven het grotendeels belijden in hun latere koninkrijken in Italië, Aquitanië en Spanje met hun overwegend katholieke bevolking.
Een religie belijden is toch een keuze?
Ik ben blij voor haar, dat ze haar geloof in vrijheid mag belijden in Nederland.
In een moderne maatschappij word erkent dat een religie belijden een persoonlijke keuze is en dat je op grond van keuzes die je maakt tegen beperkingen aan kunt lopen en dat dat geen discriminatie is maar een gevolg van je keuze.
Mensen kunnen dan hun geloof thuis belijden of naar een land verhuizen waar veel moskeeen staan.
Mensen van Marokkaanse of Turkse komaf of andere afkomsten die de islam belijden.
Ofschoon slechts aan weinigen het martelaarschap wordt gevraagd, toch moeten allen bereid zijn om Christus tegenover de mensen te belijden en Hem onder vervolging, die de Kerk nooit bespaard zal worden, op zijn kruisweg te begeleiden (ibid.42).
Vele Joden verlieten Portugal (oa naar Amsterdam) terwijl anderen hun geloof in het geheim bleven belijden.
Velen van hen bidden de hele nacht door terwijl ze, kaars in de hand, van kerk naar kerk wandelen om er hun geloof te belijden.
Wij belijden graag ons medeleven met de slachtoffers in Israël en Gaza, maar wat we ook graag doen is elkaar de medelijdenmaat nemen, schrijft Jan Kuitenbrouwer.
Die de Italianen dit weekend massaal komen belijden in Imola.
En dit terwijl politici zo vaak de modernisering van de luchtvaart belijden.
Geïndoctrineerd mannetje, dat wordt gemangeld tussen Nederlander zijn, of achterlijk geloof belijden.
In Nederland kregen zij niet de vrijheid om het geloof te belijden zoals ze dat zouden willen.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl