Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Beschrijver.

Beschrijver

Beschrijver betekenis

iets dat of iemand die beschrijft

Voorbeeldzinnen (13)

Daarnaast had men kritiek op zijn methoden, waarbij de grens tussen de beschrijver en het beschrevene vervaagt en Wallraff zich van list en bedrog bedient.

Von Huene, in 1914 de beschrijver van Massospondylus, geldt dus als eerste naamgever.

Zo werd ik beschrijver.

J. van Donselaar laat zien dat een beschrijver van het Surinaams-Nederlands anders te werk moet gaan dan iemand die het Nederlands beschrijft.

Het is een alwetende kijker en beschrijver die af en toe in de koppen van de personages kruipt en dan van binnenuit hun denk- en kijkwerelden aan ons toont.

Historicus Gerard Aalders, vooral bekend als kritische Prins Bernhard-beschrijver, komt met een nieuw boek over de grootste zwendelaars van de vorige eeuw.

In het uit 1988 daterende 'Grass' is Ek niet zozeer een beschrijver van de natuur, maar veeleer een schilder.

Waar Baudelaire schreef dat een waarlijk modern kunstenaar peintre de son temps moest zijn, ‘schilder, beschrijver van zijn tijd’, daar werd Jeff Wall photographe de son temps.

Hij is ook de eerste beschrijver van de Oostenrijkse plantkunde.

In 2013 bracht hij een nieuw roman uit, De geschiedenis van het Instituut, waarin hij zich toont een kritische beschrijver van de turbulente publieke leven in Kroatië.

Daarom werd de soort in 1981 door Richard Cowen hernoemd tot Sharovipteryx mirabilis; de nieuwe geslachtsnaam eert de oorspronkelijke beschrijver.

De beschrijver, Frank Rozendaal van het Nationaal Natuurhistorisch Museum (Naturalis), noemde de soort naar zijn vrouw Caroline, als dank voor haar hulp bij het veldwerk.

De wet van Grassmann (die is vernoemd naar zijn voornaamste beschrijver, Hermann Grassmann ) is een fonologische dissimilatie die onder andere de ontwikkeling van het Oudgrieks en Sanskriet heeft gekenmerkt.