Op deze pagina vind je 10+ voorbeeldzinnen met Groothandelaar. Ontdek de betekenis, synoniemen zoals grossier of groothandel en hoe je het woord correct gebruikt in een zin.
Groothandelaar betekenis
- een handelaar die zijn producten van fabrikanten koopt en doorverkoopt aan o.a. kleinhandelaars
- een bedrijf dat zich richt op de koop van producten van fabrikanten en doorverkoopt aan o.a. kleinhandelaars
Synoniemen van Groothandelaar
Gebruik van Groothandelaar
- De belangrijkste betekenis op deze pagina is: een handelaar die zijn producten van fabrikanten koopt en doorverkoopt aan o.a. kleinhandelaars | een bedrijf dat zich richt op de koop van producten van fabrikanten en doorverkoopt aan o.a. kleinhandelaars
- Vergelijkbare woorden zijn onder meer: grossier, groothandel.
- In het voorbeeldencorpus komt groothandelaar vaak voor in combinaties zoals: groothandelaar in, een groothandelaar, de groothandelaar.
Context rond Groothandelaar
- Gemiddelde zinslengte in deze voorbeelden: 18.6 woorden
- Plaats in de zin: 7 begin, 9 midden, 4 einde
- Zinsoorten: 20 stellend, 0 vragen, 0 uitroepen
Corpusanalyse van Groothandelaar
- In deze selectie staat "groothandelaar" meestal in het midden van de zin. De gemiddelde voorbeeldzin telt 18.6 woorden en het corpus bestaat hier vooral uit stellende zinnen.
- Direct rond het woord vallen vooral nederlandse, stelde, blijft en aflevert op; die woorden geven extra context aan het gebruik van "groothandelaar".
- Herkenbare gebruikssignalen zijn bij een groothandelaar aflevert is en daarentegen een groothandelaar in diensten. Daardoor krijgt deze pagina eigen corpusinformatie en niet alleen losse voorbeeldzinnen.
- Qua corpusfrequentie ligt "groothandelaar" dicht bij woorden als aandachtshoeren, aankaartte en aankruisen, wat helpt om het woord binnen de bredere woordenindex te plaatsen.
Voorbeeldtypes met groothandelaar
Dezelfde corpuszinnen zijn hieronder uitgesplitst naar lengte en zinsoort, zodat je sneller ziet in welke soort context het woord voorkomt:
Dat is een groothandelaar in aardgas en groen gas. (9 woorden)
De groothandelaar verkocht ruim 300 ton paardenvlees als rundvlees. (9 woorden)
Het verschil met een groothandelaar is niet altijd scherp te omschrijven. (11 woorden)
Het idee voor een verzamelgebouw kwam van de groothandelaar Frits Pot die zich realiseerde dat één groot gebouw eerder een "(her)bouwvergunning" zou krijgen dan tientallen kleinere pandjes van elke grossier afzonderlijk. (32 woorden)
De distributeur en groothandelaar stelde de publicatie eerder nog uit, nadat topman Tako de Haan en vicevoorzitter van de raad van commissarissen Willem Blijdorp waren opgestapt vanwege kwesties rond mogelijke belangenverstrengeling. (31 woorden)
De distributeur en groothandelaar, die zich bezighoudt met bevoorrading van cruiseschepen en luchthavens, ziet topman Tako de Haan en vicevoorzitter van de raad van commissarissen Willem Blijdorp per direct vertrekken. (30 woorden)
Voorbeeldzinnen (20)
De distributeur en groothandelaar, die zich bezighoudt met bevoorrading van cruiseschepen en luchthavens, ziet topman Tako de Haan en vicevoorzitter van de raad van commissarissen Willem Blijdorp per direct vertrekken.
De distributeur en groothandelaar stelde de publicatie eerder nog uit, nadat topman Tako de Haan en vicevoorzitter van de raad van commissarissen Willem Blijdorp waren opgestapt vanwege kwesties rond mogelijke belangenverstrengeling.
Een van hun klanten is de FM Group, een groothandelaar in bloemen en planten.
De Nederlandse groothandelaar blijft in de running om bijna alle 11 Belgische Metro-winkels, onderdelen van het Makro België, over te nemen.
Gasum, een groothandelaar in gas van de Finse overheid, levert vanaf nu gas uit andere landen via een pijpleiding die Finland met Estlan.
Voor de fabrikant die zijn sportschoenen bij een groothandelaar aflevert, is er vrijwel geen verschil tussen een online of een winkelverkoop.
Aangezien rhodium extreem zeldzaam is, gaat het meestal om fysieke transacties tussen de groothandelaar en de industrie.
Bij Huisman Vuurwerk gaat de verkoop van ‘als een dolle’ en ook groothandelaar Broekhoff Vuurwerk International ziet een ‘significante stijging’ van de verkoop van het lichte vuurwerk.
De hoogte hiervan hangt af van het aantal kleine concurrenten dat de groothandelaar helpt.
De eersten werkten voor een opdrachtgever, een groothandelaar of fabrikant, en de tweede categorie kocht zelf de goederen in en moest dus kapitaalkrachtig zijn.
Enkele minuten later heeft hij tienduizend bossen bananen en hij is groothandelaar.
Het idee voor een verzamelgebouw kwam van de groothandelaar Frits Pot die zich realiseerde dat één groot gebouw eerder een "(her)bouwvergunning" zou krijgen dan tientallen kleinere pandjes van elke grossier afzonderlijk.
Het verschil met een groothandelaar is niet altijd scherp te omschrijven.
Dat is een groothandelaar in aardgas en groen gas.
De Amerikaanse groothandelaar Thomas Sullivan bedacht in 1903 bij toeval het theezakje.
De groothandelaar verkocht ruim 300 ton paardenvlees als rundvlees.
De medewerkers van groothandelaar in geneesmiddelen Febelco in Zolder zijn vandaag niet aan de slag.
Op de zakelijke markt echter is het bedrijf daarentegen een groothandelaar in diensten voor derden.
Voor mij lijkt het wel wat voor Eren om groothandelaar in Nederlandse kaas te worden, volvette Edammer meer bepaald.
De detailhandel betrad hij pas in 1997, toen hij de overstap maakte naar groothandelaar Makro.
Veelvoorkomende combinaties met groothandelaar
Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:
- groothandelaar in 18×
- een groothandelaar 17×
- de groothandelaar 9×
- en groothandelaar 4×
- groothandelaar en 3×
- groothandelaar is 2×
- groothandelaar thomas 2×
- van groothandelaar 2×
Veelgestelde vragen
Hoe gebruik je "groothandelaar" in een zin?
Wat betekent "groothandelaar"?
Wat zijn synoniemen van "groothandelaar"?
Hoeveel voorbeeldzinnen met "groothandelaar" zijn er?
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl