Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Hoffelijk.
Hoffelijk
Gerelateerde woorden
Hoffelijk betekenis
beleefdheid, beschaafdheid | tweede betekenisomschrijving
Voorbeeldzinnen (20)
Je moet hoffelijk zijn tegen iedere gast.
Zij is altijd hoffelijk!
Tom zei dat Maria hoffelijk was.
Laten we hoffelijk blijven!
Laten we hoffelijk zijn!
Dat is niet erg hoffelijk, maar wel begrijpelijk.
Ik vroeg het niet en Keefe was zo hoffelijk het niet te zeggen.
Ik weet dat ik me niet hoffelijk gedragen heb... en daar bied ik m'n excuses voor aan.
Dat is erg hoffelijk van je.
Aan die paar selecte mannen met wie ze zomaar in bed zouden duiken waar andere mannen eerst met veel geld uitgeven en hoffelijk zijn moeten aantonen dat ze waardig zijn.
Het geldt als hoffelijk als de schrijver of theatermaker na een negatieve bespreking slechts op zijn tanden bijt tot de volgende roman of opvoering.
Het is het tegenovergestelde van een hoffelijk afscheid.
Hoffelijk blijven als we van mening verschillen!
Op zijn beurt gedroeg Pahlavi zich hoffelijk jegens zijn gastheren.
Automobilisten zijn dan weer heel wat minder hoffelijk.
Buiten de auto zijn Belgen en Portugezen vriendelijk en hoffelijk, maar zodra ze in hun cocon op wielen zitten, worden het monsters.
En Mario trad hoffelijk binnen.
In minder hoffelijk taalgebruik dan in een rechtszaal zou dat kunnen worden samengevat als: niks van.
Wel jammer dat die streekbus waar bejaarden ook gebruik van moeten maken, vooral bevolkt zal worden door gelukzoekers waarvan een x% aantal wellicht niet altijd even hoffelijk, voorkomend en attent zullen zijn als gehoopt.
Ze waren heel hoffelijk, wilden me allemaal helpen.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl