Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Kenelijk.

Kenelijk

Kenelijk | Ken | Kende | Kenden | Kens | Kenn | Kening | Kenen | Kenheid

Voorbeeldzinnen (4)

Die man snapt kenelijk niet dat niet iedereen in dit land over dezelfde interesses, hetzelfde morele kompas, hetzelfde ( gebrek aan ) inlevingsvermogen en hetzelfde verantwoordelijkheids gevoel beschikt als hijzelf.

Neem maar van mij aan dat Baudet oprecht boos was dat kenelijk vriendinnen van hem door marokkanen lastig was gevallen.

Beetje zeiken over deugmaffia is kenelijk makkelijker.

Kenelijk is dit de sollicitatie van een wethouder die graag met een vette bonus en wachtgeld op vakantie wil.