Liep is een Nederlands woord. Op deze pagina staan 20 voorbeeldzinnen uit echte teksten.
Liep in een zin
Gerelateerde woorden
Voorbeeldzinnen (20)
Een Fries paard dat liep te grazen, liep over een houten brug dat twee weilanden verbond, en zakte hier door heen.
De man liep weg in de richting die Tino had aangewezen, terwijl hij iedereen die hem in de weg liep, ruw opzij duwde.
Ze liep pas verder toen de vrouw met de twee grote honden een eind voor haar liep, want ze moest zelf ook die kant op.
Het rendement van zorgenkind ThyssenKrupp liep nog iets verder terug, dat van topper Rheinmetall liep juist verder op.
In de jaren 90 liep Europa voorop met het gsm-netwerk, maar met de komst van 3G en 4G liep de EU achter de feiten aan.
De 30 liep eerst de 10, kwam dan terug in het startlokaal voor een rust en liep dan de 20 met de twee genoemde rusten.
Ze liep lang een halve minuut erachter, maar in het tweede deel van de marathon liep die achterstand verder op.
De woning liep zware schade op aan de bovenverdieping, maar ook het gelijkvloers liep rook- en waterschade op.
Hij liep nog altijd voor ons uit, was nog altijd de eerste die de deur uit liep naar de moskee, maar iets was veranderd.
De Via Traiana liep in noord-zuidelijke richting en kruist de Via Belgica, de weg die van west naar oost liep.
Badu liep eerder stage bij sneakerwinkel Patta en werkt momenteel voor Daily Paper, Afewerki liep stage bij Olaf Hussein.
Het was de eerste marathon die Osoro liep en meteen liep hij (op dat moment) de derde snelste marathon ooit.
Ze liep haar eigen tempo en liep het gat naar de kopgroep dicht toen Can het hoge tempo niet vol kon houden.
In een reflex liep ze achter hen langs de gang door naar buiten, waar ze bakkersknecht Geert van Wijk tegen het lijf liep.
Terwijl Jan en alleman liep te piepen over de hitte, liep deze meneer de benen uit zijn lijf zonder klagen, water of eten.
Het aantal inwonende zusters liep nog op; het aantal inwonende kostdames en -heren liep steeds verder terug.
Ik heb Pierre wel even gezien na de wedstrijd, hij liep lachend door het stadion terwijl ik liep te janken.
Maar plotseling liep hij het podium op, gaf presentator Chris Rock een klap en liep terug naar zijn stoel.
Hij liep weg van huis en liep tien weken lang rond in Londen, Birmingham en Manchester, op straat slapend.
Liep hij zes maanden later door Zeist, nou: tachtig procent van de mensen die neef tegen het lijf liep, kende hem niet meer.
Zinsdelen met liep
Deze zinsdelen hebben een eigen pagina met voorbeeldzinnen waarin de hele combinatie voorkomt:
Veelvoorkomende combinaties met liep
Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:
- en liep 28×
- hij liep 28×
- liep de 21×
- ik liep 18×
- liep naar 17×
- ze liep 13×
- liep het 12×
- liep hij 12×
- liep ik 10×
- tom liep 10×
Veelgestelde vragen
Hoe gebruik je "liep" in een zin?
Hoeveel voorbeeldzinnen met "liep" zijn er?
Over deze voorbeelden
De 20 voorbeeldzinnen op deze pagina bevatten het volledige woord liep. We verwijderen dubbele, te korte, onvolledige en technisch vervuilde zinnen automatisch. De betekenis is afkomstig uit Wiktionary. Lees meer over de bronnen en controles op de pagina over Voorbeeldzinnen.info of bekijk hoe je een correctie meldt.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl