Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Mompelend.

Mompelend

Mompelend | Mompelende

Mompelend betekenis

zacht, onduidelijk, binnensmonds pratend

Voorbeeldzinnen (20)

In de aflevering over klokken filosofeert Pera over tijd, mompelend als een oude man in een schommelstoel.

Ongewild droeg Verstappen bij aan de ophef door op camera met Russell de discussie aan te gaan en de Brit daarna mompelend 'dickhead' te noemen.

Kobus witheet op deze grote smeerlap Mak, heeft het boek "In Europa" direct de rest-afvalzak gedaan, mompelend: dat weet ik zeker dat het konterfeitsel van die miskak verbrand zal worden.

Mompelend; berouw komt na de zonde, majesteit.

Iets met vrouwenquotum in de bouw mompelend.

Een belg zit in de trein met tegeover hem een man die iets zit te snoepen terwijl hij wiskundige vraagstukken mompelend oplost.

Haar hele verhaal slaat nergens op.: Keyl die mompelend met haar witte zuster wil samenzweren tegen Marokkaantjes op scooters.

Het meest geslaagd zijn dan ook de momenten dat we Armando aan het werk zien, mompelend en mopperend op zijn nog natte schilderijen, peinzend in zijn verblijf in het Duitse Potsdam.

Janmaat was een sneue l*l in een Wibra pak, die de laatste jaren sleet al mompelend in zichzelf.

De één is er niet aan begonnen, de ander huwt iemand die zijn moeder kan zijn (Oedipus mompelend) en de derde is niet eens in staat een relatie te beginnen.

Na een kwartier afwisselend het wereldnieuws op zijn laptop en het voetbal op tv te hebben gevolgd kwam mompelend het eerste commentaar door.

Mompelend over dat het een bijzondere avond is, rangschikt ze de papieren totdat alles in de goede volgorde staat.

Onverstaanbaar mompelend vanonder een hoed verzorgde Vlek een optreden dat door collega Simon Vinkenoog werd bestempeld als 'ontstellend, indrukwekkend, verwarrend en uniek'.

De eerste twee zinnen van ‘È la solita storia del pastore’ uit van Francesco Cilea mis je, want de hele zaal draait zich schuivend en opgewonden mompelend om.

Pas als blijkt dat machogedrag niet werkt gaat men mompelend, zuchtend en kreunend akkoord.

Hij wenkte dat hij de tekst van dichtbij wilde zien; ik gaf hem mijn bijbeltje, en hij begon te lezen, regel na regel zachtjes de woorden mompelend.

Opgewonden mompelend proberen ze het allemaal even met hun eigen vingers.

Uiteindelijk bleef ze liggen, in het inmiddels aangevoerde ziekenhuisbed met onneembaar hoge zijkanten, geel, doodop, een vertwijfeld aapje, af en toe iets mompelend.

De oude dame verdween mompelend achter de gordijnen.

Eén blik van zijn haviksoog en zachtjes mompelend volgden we hem naar zijn werkkamer.