Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Rende.
Voorbeeldzinnen (20)
Ik was nog nooit zo sterk, ik rende en rende en rende.
Tom rende en rende, totdat hij uiteindelijk de telefooncel zag.
Deze rende de winkel uit zonder tas en rende de Gasthuisstraat in.
Toen hij zijn naam hoorde, stond de kruising tussen een teckel en een vuilnisbakkenras op van onder de werkbank, waar hij had liggen slapen op de houtkrullen, rekte zich eens lekker uit en rende achter zijn baasje aan.
De volgende dag riep de dove, terwijl hij de binnenplaats over rende, naar haar: "Als u iets nodig heeft, moedertje, neemt u het maar!"
Kasjtanka rende heen en weer en vond haar baasje niet, en ondertussen werd het donker.
Een hond rende achter een kat aan.
Ik rende met de snelheid van bliksem.
Niemand rende voor hem uit.
De dief rende weg in de richting van het station.
Hij rende opdat hij op tijd zou zijn.
Ze rende naar hem toe.
De beer rende achter me aan.
Hij rende het klaslokaal in.
Hij rende weg om niet gevangen te worden.
Ken rende niet.
Ik rende zo hard als ik kon, maar ik miste de bus.
Hij rende niet snel genoeg om de trein te halen.
John rende naar het station om zo de laatste trein te halen.
John rende naar het station om de laatste trein te halen.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl