Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Taai.

Taai

Taai betekenis

moeizaam en plastisch vervormend onder mechanische belasting | moeilijk te snijden, kauwen (van vlees) | vasthoudend, moeilijk te breken (van personen)

Voorbeeldzinnen (20)

Kerstkransjes versieren, taai-taai poppen bakken, arretjescake maken.

Asscher, u kunt wel proberen lollig te doen als reactie op het betoog van dhr. Bosma, maar dat snijdt nauwelijks taai-taai, u gaat er niet op in, in tegendeel u verdraait zijn woorden inzake dat stiekum, d.i. dat heimelijk "zwart maken" van Zwarte Piet.

Feestelijke kleding met attributen als schoeisel e.d. loopt harder dan de verkoop van taai taai poppen en kruidnootjes.

Vroegâh had je taai taai poppen, nu pat paay poppen.

Voor veel van de aanwezigen vormen taai-taai en snert de laatste symbolische banden met Nederland.

Een minstens zo sterke herinnering is de geur, zwaar, zoet, naar chocolade, speculaas, taai-taai.

Hier wordt een grote zak kruidnootjes en een zak taai-taai soldaat gemaakt.

Daarbij zat het economisch tij Taai Taai tegen en artistiek kwam ik steeds meer in een harnas te zitten met het schrijven van mijn liedjes.

Veel mensen kennen janhagel als kleine koekjes met anijssuiker er op, maar er bestaat ook een andere vorm van janhagel, een taai-taai achtige koek met een anijs smaak.

Deze biefstuk is te taai.

Je bent taai.

Het lendenstuk is gesneden uit een spier die niet veel doet, waardoor het niet taai is.

Het vlees is taai.

Hij is taai.

Hou je taai!

Ze zijn taai.

Dus hou je taai, oké ?

Oorlog of niet, wij Zweden zijn taai.

Dat betekent dat het boek op sommige punten wat taai is om de politieke discussies, reorganisaties en leiderschapswisselingen in kaart te brengen.

De gesprekken waren onder meer taai omdat “de verschillen tussen de vier partijen vandaag nadrukkelijk aan de orde zijn geweest”, zei Van der Burg.