Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Verkleinwoord.

Verkleinwoord

Verkleinwoord betekenis

een woord met een verkleiningsuitgang waardoor iemand of iets als klein of weinig wordt voorgesteld

Voorbeeldzinnen (20)

Het is daarnaast mogelijk een verkleinwoord van een verkleinwoord te maken, bijvoorbeeld burriquito (burro + ico + ito).

Het is gewoon een verkleinwoord van Jan, net als Jantje.

Het woord 'meisjes is zelf al een verkleinwoord.

Sinds wanneer bestaat er een verkleinwoord van interview.

Vooral het verkleinwoord „tikkeltje” valt op.

Zo klein, dat elk verkleinwoord te groots is om hem mee te betitelen.

En het verkleinwoord doet vermoeden alsof het arme naïeve onschuldige meisjes waren.

Het betrof niet meer dan kansjes, verkleinwoord.

Het verkleinwoord voegt een bepaalde gevoelswaarde toe. een overheid onwaardig trouwens.

Mantel is in het Latijn, verkleinwoord: De heilige gaf zijn halve mantel weg aan een arme en het werd een relikwie.

Waarom er een Kinderwetje in plaats van een Kinderwet van is gemaakt, dat is onduidelijk, want een verkleinwoord is niet nodig.

Zeker het verkleinwoord doet vermoeden dat we met bijzonder dom volk hebben te maken.

Bij een verkleinwoord wordt de letter echter wél verdubbeld: fotootje.

De meervoudsuitgang -en en de uitgang -je van het verkleinwoord zijn niet toegestaan.

De naam Essaouira, een verkleinwoord, betekent muurtje of ommuring.

De zin "Ik heb een paar leuke schoentjes gezien; ik denk dat ik ze ga kopen." zal (door het verkleinwoord) eerder door een vrouw worden gebruikt dan door een man.

Domicella is het verkleinwoord van domina (vrouw des huizes) en betekent zoiets als jonge meesteres.

Het Franse woord gaat terug op het middeleeuws Latijnse woord capitulare ‘punt voor punt opsommen, een stuk opstellen’, een afleiding van het Latijnse woord capitulum ‘hoofdstuk, clausule’, dat een verkleinwoord is van caput ‘hoofd’.

Het verkleinwoord 'Drusilla', dat men vaak aantreft in haar naam, doet vermoeden dat zij een oudere zus had.

Het woord gaat terug op het Latijnse woord facula, een verkleinwoord van fax, "fakkel".