Zitballen is een Nederlands woord beginnend met de letter Z. Met 8 voorbeeldzinnen zie je meteen hoe het woord in zinnen werkt.
Zitballen in een zin
Gebruik van Zitballen
- In het voorbeeldencorpus komt zitballen vaak voor in combinaties zoals: en zitballen.
Context rond Zitballen
- Gemiddelde zinslengte in deze voorbeelden: 17 woorden
- Plaats in de zin: 0 begin, 2 midden, 6 einde
- Zinsoorten: 8 stellend, 0 vragen, 0 uitroepen
Corpusanalyse van Zitballen
- In deze selectie staat "zitballen" meestal aan het einde van de zin. De gemiddelde voorbeeldzin telt 17 woorden en het corpus bestaat hier vooral uit stellende zinnen.
- Direct rond het woord vallen vooral opblaasbare, elf, zeven en tegenover op; die woorden geven extra context aan het gebruik van "zitballen".
- Herkenbare gebruikssignalen zijn hangplekken met zitballen en een en met drie zitballen wel verantwoordelijk. Daardoor krijgt deze pagina eigen corpusinformatie en niet alleen losse voorbeeldzinnen.
- Qua corpusfrequentie ligt "zitballen" dicht bij woorden als aaaa, aaai en aalbeek, wat helpt om het woord binnen de bredere woordenindex te plaatsen.
Voorbeeldtypes met zitballen
Dezelfde corpuszinnen zijn hieronder uitgesplitst naar lengte en zinsoort, zodat je sneller ziet in welke soort context het woord voorkomt:
Een boek dus over geschiedenis, solidariteit en zitballen. (8 woorden)
Ook zie je op steeds meer kantoren statafels en zitballen. (10 woorden)
In het sloteerst verdubbelde Klaas Berkepas zijn totaal aantal zitballen tot zes. (12 woorden)
Van der Bos hoefde niet eens te excelleren aan de opslag, al was hij met drie zitballen wel verantwoordelijk voor het binnenhalen van drie eersten. (25 woorden)
Ook is het mogelijk om met een grote constructie en dik draad een soort kous te punniken waarin opblaasbare zitballen kunnen worden gestopt. (23 woorden)
Hij was dan ook de grote, ietwat wisselvallige man bij Makkum in de finale met zeven zitballen maar ook met zeven missers. (22 woorden)
Voorbeeldzinnen (8)
Ook is het mogelijk om met een grote constructie en dik draad een soort kous te punniken waarin opblaasbare zitballen kunnen worden gestopt.
Ze vertelde dat dit jaar 70 Apple Stores zullen worden voorzien van een forum, oftewel ‘hangplekken’ met zitballen en een videomuur.
Die slag werd op punten, elf zitballen tegenover tien opslagmissers, gewonnen door Van der Bos.
Een boek dus over geschiedenis, solidariteit en zitballen.
Hij was dan ook de grote, ietwat wisselvallige man bij Makkum in de finale met zeven zitballen maar ook met zeven missers.
In het sloteerst verdubbelde Klaas Berkepas zijn totaal aantal zitballen tot zes.
Van der Bos hoefde niet eens te excelleren aan de opslag, al was hij met drie zitballen wel verantwoordelijk voor het binnenhalen van drie eersten.
Ook zie je op steeds meer kantoren statafels en zitballen.
Veelvoorkomende combinaties met zitballen
Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:
- en zitballen 2×
Veelgestelde vragen
Hoe gebruik je "zitballen" in een zin?
Hoeveel voorbeeldzinnen met "zitballen" zijn er?
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl